|
Interview
Dagblad van het Noorden,
Joep van Ruiten, oktober 2007
terug naar overzicht
|
| 
Let op de details, en je komt alles te weten
Nyk de Vries is wat je
noemt een dubbeltalent. Hij schrijft, in het Fries en in Nederlands. En hij maakt muziek,
onder meer als gitarist bij Meindert Talma en The Negroes. Onlangs verscheen van zijn hand
het handzame boekje Motorman, veertig zogeheten prozagedichten die eerder in verschillende
tijdschriften werden gepubliceerd.
De Vries wist aanvankelijk zelf niet dat hij prozagedichten maakte, hij voelt zich ook
geen echte dichter. Het zijn meer korte verhaaltjes. Pas later begreep ik dat het
een apart genre was. Ik weet ook niet of ik er precies in pas. Ik heb gewoon mijn eigen
regels, vertelt hij. De prozagedichten zoals ik ze maak, zijn verhalend,
hebben geen ingewikkelde zinnen. Het zijn vaak bijprodukten van echte gedachten. Iets wat
onbelangrijk is, of behoorlijk onzinnig. Dat is vaak het interessantst.
De Vries omschrijft zich als een detaillist. Als ik een afspraak met iemand heb, let
ik vaak niet in de eerste plaats op wat ie zegt, maar waar hij zijn voet zet, of hoe ie
tegen de deurpost leunt. Dat zegt in de regel alles over wat een mens wil en wat ie
is. Veel meer dan de woorden die hij uitspreekt. Daar zit de grote interesse voor detail.
Ik ben daar blijkbaar gevoelig voor en dat komt terug in de verhalen. Impliciet is de
boodschap dat het kleine alles vertelt, let daarop en je komt alles te weten. Het is in
zeker zin een beetje de cameravoering van de Vpro in de jaren tachtig. Ze interviewen de
een of andere hotemetoot, maar ze tonen hem niet normaal, maar laten levensgroot zijn
trillende snor zien.
De uitgever van Motorman, Abe de Vries, vergelijkt het werk van De Vries met Daniil
Charms. En ook in NRC/Handelsblad is een link gelegd met het absurdisme. Pas daarna
heb ik me er een beetje in verdiept. Het is mooi werk, maar ik geloof ik niet dat ik een
echte absurdist ben, zegt De Vries. Het is mij er niet om te doen met opzet op
de aparte toer te gaan. Ik probeer simpelweg korte, wonderlijke melancholieke verhaaltjes
te vertellen. Mijn inspiratiebronnen liggen, denk ik, vooral op muziekgebied.
Wat hem aanspreekt, is Tom Waits. Bijvoorbeeld in dat nummer Franks Wild
Years, waar hij aan het eind de zaak in de fik steekt met daarop volgend de zin:
Never could stand that dog. Dat is prachtig, die compactheid gecombineerd met
een verrassende wending, dat is wat ik nastreef. Nu ik erover nadenk heeft het boek Steps
van Jerzy Kosinski misschien wel onbewust model gestaan voor Motorman. Ik had het destijds
in een pocketuitgave en sleepte het overal mee naartoe. De hoofdfiguur valt steeds
midden in de situatie en legt weinig uit. Dat is erg mijn stijl.
Het schrijven staat los van wat hij doet bij Meindert Talma & The Negroes.
Schrijven doe je thuis alleen. Muziek maken is zeer sociaal. Uiteindelijk is er
natuurlijk niks mooiers dan met zn allen een busje inspringen. Ik heb het geluk dat
ik het kan combineren. Ik ben op dit moment bezig om de teksten van Motorman te combineren
met muziek die ik heb gemaakt, samen met Fokke van der Veen, gitarist van mijn eerste band
The Amp. Maar eerst verschijnt in november nog de Nederlandse versie van mijn roman
Prospero.
Vaak leer je mensen kennen door op de details te letten - dat is wat Nyk de Vries
desgevraagd de lezer op het hart wil drukken. Als je de vlekken op iemands pantalon
hebt getraceerd, dan pas je in de regel wel op voordat je naar pijpen gaat dansen en
voorgeprogrammeerde meningen mee gaat roepen. Daarom is het ook opletten met die Wilders.
Hij gaat zo verdomde strak gekleed.
|
|
|